Dicteetips voor D(ictee)-day
Dicteetips voor het spellen van verkleinwoorden

Dicteetips

De Taalonderneming wil werken aan correct taalgebruik. Goed spellen hoort daar vanzelfsprekend bij. Een dictee is een luchtige manier om juist taalgebruik te bevorderen. Ben je een taalliefhebber en houd je van dictees? Dan kun je op 30 maart meedoen aan het Groot Alpens Dictee. Als opwarmer voor dit taalfestijn plaatsen we op deze website wekelijks een taal-/spelling- of dicteetip.  Dit is de derde blog in deze serie.

Tip 3 – Verkleinwoorden – hoe spel je die?

De onderstaande woorden geven nogal eens reden voor twijfel als je er een verkleinwoord van moet maken.

Is het verkleinwoord van:
– diner: dineetje of dinertje?
– baby: baby’tje of babietje?
– paraplu: paraplutje of parapluutje?
– A4: A4’tje of A4tje?

Wat zijn de regels? We zetten ze op een rij.

Regel 1 – De grondvorm blijft behouden en krijgt het achtervoegsel -je, -tje, -etje, -pje

Dat geldt voor:

a. zelfstandige naamwoorden uit het Nederlands

Er is een groep woorden die ‘gewoon’ de grondvorm houdt en achter het verkleinwoord ‘-je’ of ‘-tje’ krijgt.
– bureau > bureautje
– lamp > lampje

De spelling van deze verkleinwoorden volgt de uitspraak van het woord.

b. zelfstandige naamwoorden uit een vreemde taal

Het woord houdt de grondvorm, ook als het woord eindigt op een niet-uitgesproken -e.
– cake > cakeje
– crème > crèmepje

Als het woord uit het Frans afkomstig is en eindigt op een niet-gesproken medeklinker, dan blijft de medeklinker behouden.
– diner > dinertje

Als de niet-uitgesproken medeklinker een -d of een -t is, dan is de vervoeging -je.
– biscuit > biscuitje

Regel 2 – de grondvorm van het zelfstandig naamwoord verandert

Het kan zijn dat:

a. het woord verandert door de uitspraak

– schip > scheepje
– blad > blaadje

b. het woord eindigt op -ing

Als de voorlaatste lettergreep de klemtoon krijgt, wordt -ing > -inkje.

– koning > koninkje
– haring > harinkje

c. het woord eindigt op één of meer medeklinkers en één lange klinker (a, e, i, o of u)

De verkleining van deze woorden wordt al iets lastiger.
klinkerverdubbeling (i wordt ie):
– la > laatje; logé > logeetje; taxi > taxietje.

d. het woord eindigt op -y of -u (spreek uit als ‘oe’)

Deze woorden krijgen een apostrof plus -tje:
– hobby > hobby’tje; sudoku > sudoku’tje

Maar:
– spray > spraytje (omdat er nog een klinker voor de -y staat)

e. het woord eindigt op een cijfer

Deze woorden krijgen een apostrof met achtervoegsel:
– A4 > A4’tje, 6 > 6’je.

 f. een woord uit het Frans eindigt op een e (zoals in ‘de’)

Deze volgen de spelling als de e niet wordt gehoord in het verkleinwoord
– karbonade > karbonaadje; aspirine > aspirientje

Lees meer tips in de andere blogs Dicteetips voor Dictee-day.

 

Bron: Schrijfwijzer, Jan Renkema, 3e druk, september 2014.

 

 

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Dicteetips voor D(ictee)-day (3)
Getagd op:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *